Roosenboom.jouwweb.be
Home » De Groote Oorlog in Hasselt 14-18

 

War, it's just a shot away, love, it's just a kiss away

  I'm nobody's child I'm nobody's child I'm like a flower just growing wild.

De Groote Oorlog in Hasselt

Roosen Hubertus is tijdens de begin dagen van de oorlog van 1914-1918 hardhandig aangepakt door de Duitsers die dachten dat hij een verzetsman was. Duitsers zijn tijdens de nacht aan de deur komen kloppen en toen er niet vlug genoeg open gedaan werd, hebben ze de deur ingetrapt en zijn ze naar boven gehold waar ze Hubertus voor de ogen van zijn vrouw en kinderen en onder doodsbedreigingen met onzachte hand van de trappen geduwd hebben. Dit feit heeft hem zodanig veel schrik aangejaagd dat hij er een panische angst voor Duitsers aan overgehouden heeft wat resulteerde een paar maanden later in zijn dood. Hij stierf in het gasthuis van Sint Truiden.

Waarom waren de Duitsers zo kwaad op de Hasseltse bevolking, dit lezen we in een verslag dat hieronder beschreven staat. 't Was donderdag, 6de augustus 1914, om half acht s’morgens, dat de Hasseltenaren de eerste vijandelijke grijsrokken door de Maastrichterpoort zagen binnenrijden. Halfweg Diepenbeek had een wielrijder der stad ze zien aankomen, was teruggefietst en verwittigde de rijkswachters van Hasselt, wier bevelhebber zijne manschappen gebood zich strijdvaardig te maken en de kazerne te verlaten. Het vijandelijk verkenningstroepje bestond uit zeventien ruiters van het twaalfde regiment Huzaren wier schako eene koperen plaat droeg, met de woorden: "Mit Gott fur Konig und Vaterland"; zij zouden weldra gevolgd worden door den geheelen rechtervleugel van het invasie leger. Stapvoets, met vriendelijk gelaat, reden ze door de Maastrichterstraat, toen ze tegenover de Beekstraat zeven gendarmen te voet zagen opdagen, komende van hunne kazerne, wier bevelhebber in beide landstalen den Duitsers toeriep Handen op ! Geef U over! In plaats van aan dat bevel gevolg te geven of de kleine schare te lijf te gaan, gebood de Duitse bevelhebber rechtsomkeer te maken. Onder die zwenking schoten de rijkswachters en een Huzaar viel dood van zijn paard tegenover de suikerbakkerij Esters en dat was Paul-Wilhelm Krische; een tweede, Friedrich-Gustav-Ernst Wesslau, viel dood langs het gaanpad van den boekwinkel Franck en zijn paard was zoo zwaar gewond, dat men het heeft moeten den hals afsnijden; een derde was de tegenover gelegen Capucienenstraat ingereden en viel er erg gekwetst neder; de anderen reden met gestrekte galop naar den Maastrichtersteenweg, maar twee hunner waren ontzadeld, liepen de paarden na en werden bij Terpoorten, op de grens van Diepenbeek opgepikt en aanvankelijk de stad ingebracht. Terwijl de gendarmen zich posteerden tegen de poort van het huis der aannemers Douchar, op den heuvel, en van daar de " Rechte Trichterstraat " konden bestrijken om de voort vluchtende Duitschers te beschieten, werd het veertienjarig zoontje van Pieter Vanstraelen, Landbouwer op de Singelbeekstraat, door een kogel in den buik getroffen op den dorpel van De Pasteye, maar genas van de bekomen wonde, zoowel als de twee gekwetste soldaten.  Den 12de Augustus 1914 werden de gebouwen der Nationale Bank omsingeld door krijgslieden, wier bevelhebber van den agent al het geld opeischte. De  heer kassier Bouchet werd ontboden en, nadat deze verzet had aangetekend in naam van het bestuur, werd al de aanwezige munt ongeteld in zakken geborgen en door Rittmeister Saarder een bewijs afgeleverd voor de som van ruim twee miljoen fr; (2.020.354,50). Later hoorde men dat de Duitschers in het koffiehuis Harzimont, op het Statieplein, het geld natelden. Ernest Moulckers, oud 36 jaren, hoedenhandelaar, wonende in de Demerstraat, werd op zijn rijwiel nabij Alken doodgeschoten door de Duitschers, op 14 den Augustus 1914, naar het schijnt met zijn eigen revolver. Twee Belgische soldaten werden te Hasselt in 't gevang gezet, ter dood veroordeeld, doodgeschoten den 25 januari 1916 en op het Kerkhof van Kuringen begraven, waar hun graf zeer bezocht is geworden ; de eene was zeventien jaar oud : Paulus-Lodewijk Mertens ; de andere was Pieter-Jozef Claes, den 8 Mei 1877 te Schaerbeek geboren. Zondag 21 Maart 1915, om zes uur 's avonds, werd de ongehuwde schoenmaker Karel Cosemans der Pertsdemerstraat, die het koffiehuis van Vanorshoven, tegenover de Spoorhalle, ontvluchte na er de Duitschers op wat scherpe wijze bejegend te hebben, op 'einde der Geraatstraat dooddelijk getroffen in den rug, door den kogel van eenen Duitschen soldaat en stierf een half uur later in het koffiehuis der weduwe Vos, op den hoek der Geraetsstraat en Curingerbaan. Zaterdag, 12 Augustus 1916, werden in de schoolkazerne van Hasselt door de Duitschers doodgeschoten de Franschman Sylvain Duval en Hendrik Verdonck, ondewijzer te Meeuwen; zij werden te Zonhoven begraven. Als staaltje van Duitsche welvoeglijkheid en kultuur weze hier aangestipt dat een hoog officier van het bezettingsleger bij de teraardebestelling aanwezig was met... zijnen hond en alles bijwoonde met gedekten hoofde en de sigaret in de mond. Den 4de November 1916 zijn in vermelde kazerne doodgeschoten Jan Massart van Brussel en Hendrik Custers van Reckhem, en zestien dagen later Celestinus Wauters met Arthur Dubois; den 16den December ondergingen aldaar tien veroordeelden hetzelfde lot: Celestus Balthazart van Chaudfontaine, August Cosse van Dorinnes, Arnold De Munck van Angleur, Leo Desmottes van Chapelle Watinne, Michiel Duchamps van Boncelles, Edmont Honoré van Beaumont, August Javaux, van Luik. Lieven Van Hoffelen van Antwerpen, Herman Miguet, trambediende van Vechtmael, Jan Segers van Kinroy ; de 19 April werd Willy Ernst van Charleroi er doodgeschoten en begraven. Daarbij bepalen zich de bloedige menschenoffers van den wereldkrijg op Hasseltsch grondgebied. De drie bruggen op den Kiezelweg van Godsheide zijn op bevel van den Belgischen generaal De Schepper vernield, om voor ons onbegrijpelijke strategische redenen, en de Duitschers handelden ook zoo met de spoorwegbrug over het kanaal, maar die vier bruggen werden eenige maanden later hersteld ; de kazerne der rijkswacht van Hasselt hebben de Duitschers op 8 September 1914 uit wraak willen afbranden, maar zij zijn in hun vernielingswerk niet geheel geslaagd en hebben anderhalf jaar later groote sommen besteed om het gebouw te herstellen, te verbeteren en er hun gewestelijk bestuur in te richten. Honderd zeven en tachtig leden der burgerwacht zijn den 23 Augustus 1914 gevankelijk naar Duitschland gevoerd en bleven tot 22 October te Munsterlager. Een half dozijn neringdoende burgers zijn ook weggebracht en velen werden tot geldboetes veroordeeld. Den 2de December werden 200 arbeiders naar Duitschland gezonden en een andere schare bracht men naar Vlaanderen, waar men ze tot handwerk verplichtte. Hasselt vierde eenstemmig en behoorlijk het intreden van den wapenstilstand, de ontruiming en bevrijding, de terugkomst van het roemrijk 11ste Linieregiment en de doortrekkende troepen. In den avond van 23ste November plunderde en verwoestte het gepeupel de woningen van eenige personen, die met de vijand hadden geheuld. Den 9de Januari hielden de Koning en de Kroonprins hunne blijde intrede en werden de bevrijdingsfeesten op waardige wijze gesloten.

Deze tekst werd origineel overgenomen uit een boek over de 1st wereldoorlog in Limburg die ik gevonden heb in de Provinciale bibliotheek van Hasselt.♦

 

    De slag der Zilveren Helmen: Belgische roem

 

Op de ochtend van 4 augustus 1914 viel Duitsland ons land binnen. Vier dagen later, op 8 augustus 1914, was de Cavaleriedivisie, onder bevel van Luitenant-generaal  L. de Witte, in de streek van Sint-Truiden verspreid. Op 12 augustus verdedigt de Eerste Ruiterdivisie  de streek van Halen. Op 12 augustus 1914 werd het 5de Lansiers opgesteld ten zuidoosten van Loksbergen bij Halen. Daar op het slagveld, zal de korpscommandant, Kolonel Xhardez, uit handen van Luitenant-generaal L. de Witte, commandant van de Ruiterijdivisie, in naam van Z.M. Koning Albert I, de Standaard ontvangen. Een gebeurtenis die wellicht enig is in de Belgische militaire geschiedenis. Het 5de Lansiers telde op dat ogenblik 30 officieren en 502 onderofficieren en manschappen.

 

                 

     Standaard overhandiging tussen Luitenant generaal de Witte en Kolonel Xhardez       Baron de Witte

 

De divisie bestaat uit het 1ste Karabiniers Wielrijders, het 1ste en 2de Gidsen, het 4de en 5de Lanciers, de groep Rijdende Artillerie en een compagnie Pioniers-Pontonniers Wielrijders.
Ze staan tegenover de 4de Duitse Ruiterdivisie, onder het bevel van Generaal von Garnier. De vijand nadert vanuit de waterkant voorafgegaan door verkenners en verschijnt om 08.10 uur voor het dorp.

 

                       

                                   Duitse ruiterij                               Belgische cyclisten in gevecht met Duitse Hussaren              


De Wielrijders zijn in een hinderlaag opgesteld nabij de eerste huizen, zij laten hen, getrouw aan hun tactiek, naderen tot enkele meters en vuren dan van nabij op de nietsvermoedende vijand. Om 08.30 uur herbegint de strijd met een grote vijandelijke strijdmacht bestaande uit Jagers, Kurasiers en Uhlanen. Onder dekking slaagt de vijand erin om tot bij de Gete te geraken ondanks het nauwkeurig en hevig vuur van de Wielrijders.

 

       

             Cyclisten wachten Uhlanen op brengen hen grote verliezen toe en vluchten in totale wanorde.

 

De druk is zo groot dat twee pelotons van de 1ste compagnie Wielrijders de 3de compagnie komen versterken. Tot 10.00 uur wordt de vooruitgang van de vijand gestuit. Doch vijandelijke troepen te voet, met steun van hun artillerie, kunnen de Gete oversteken ten zuiden van de baan en nemen van hieruit de flank van onze Wielrijders onder vuur met hun mitrailleurs. De Duitsers dringen door tot in het dorp en hergroeperen zich. Om 11.30 uur besluit Generaal von Garnier de overweg te bezetten en werpt verscheidene eskadrons van de 17de Dragonders in galop op de stelling. De mitrailleurs van de Wielrijders maaien hen echter neer. De gevallen paarden snijden de doortocht af en doen de vijand te pletter lopen op deze hindernis.  In grote wanorde trekken de Dragonders zich in het dorp terug waar nieuwe troepen aankomen, de chaos wordt nog vergroot door de nauwkeurige beschieting van de 1ste bereden Artilleriebatterij.

 

 

Duitse troepen komen de Duitse ruiterij versterken                   Ulhanen rijden in galop naar het slagveld

 

In Halen krioelt het nu van paarden en soldaten. Er volgt een vreselijk bloedbad: Halen staat in brand! Rond 13.00 uur ziet de 1ste compagnie wielrijders, die zich eveneens wil terugtrekken op de lijn van de Lanciers, plots Dragonders ten westen van Halen. Dit eskadron maakt zich op om in colonne van vier de Wielrijders te vernietigen. Dan weerklinkt een bevel, en de bajonetten worden op het geweer geplaatst. IJzig kalm zien de Wielrijders de paarden op zich afstormen. Dan volgt het bevel: "Op de knieën! ...VUUR!". 
De Wielrijders maaien het eerste peloton weg, maar de vijand is zo talrijk dat zij de tijd niet krijgen om een tweede maal aan te leggen, zij gebruiken nu hun bajonet en planten die in de borst van de paarden of in het lichaam van de Uhlanen, die de stelling van de Wielrijders overschrijden. In een wolk van stof vechten Dragonders en wielrijders met de sabel, de lans en bajonet. Als het gewoel tenslotte luwt blijven er nog slechts een handvol Wielrijders overeind. Maar de vijandelijke charge is gebroken!

 

         


 
Het 4de eskadron van het 18de Dragonders chargeert ten noorden van de IJzerbeek waar het op 300 meter van de hoeve onder vuur wordt genomen door het 4de Lanciers en moet noodgedwongen rechtsomkeer maken. Tijdens de aanval van de 17de brigade is de 3de Brigade over de Gete geraakt en bereikt Donck.  
 Het 2de Kurassiers trekt onmiddellijk ten aanval met twee eskadrons langs de noordoostkant van Velpen. Maar in de holle weg, die geen kans geeft op ontsnappen worden ze tegengehouden door hevig vuur van de 3de compagnie Wielrijders en door de ruiters van het 4de en 5de Lanciers en de1ste Gidsen. Een derde eskadron Duitsers komt nog ter hulp maar ondergaat hetzelfde droevige lot. De overblijvenden trekken in de grootste wanorde terug.
 Het 9de Uhlanen, dat achter het 2de Kurassiers de Gete is overgestoken, zijn  aan de baan Velpe - Halen gekomen. Het 1ste en 2de eskadron stormen langs voor in galop naar de hoeve IJzerbeek en worden zijdelings onder vuur genomen door 5de Lanciers en 2de Gidsen. De Uhlanen vluchten in de holle weg. Nu gaat het ganse 9de Uhlanen korps chargeren, rechts gesteund door de overlevenden van de vier eskadrons 2de Kurassiers. De Wielrijders van de 3de compagnie, tegen de grond liggend, wachten kalm de huilende en zich te pletter lopende meute af.  De storm rolt over de overblijvenden van de compagnie naar de hoofdstelling. De Lanciers openen het vuur en de eerste elementen van het 4de Linie, dat ten gepaste tijde de verlaten stellingen van het 2de Gidsen hebben ingenomen, nemen de flank van de charge onder vuur. De Zwarte Duivels, waarvan één enkele gekwetst werd, richten zich op en openen het vuur in de rug van de ruiters die zware verliezen lijden.

 

         
               paarden en mansschappen rusten uit                                     de oorlog even vergeten

 
Dit zal de laatste charge zijn. Vier Regimenten van de Duitse Ruiterij zijn vernietigd door de Karabiniers Wielrijders gesteund door de Lanciers, door enkele soldaten van de Gidsen en gedurende de laatste charge, door een compagnie van het 4de Linie. De steun van de bereden Belgische artillerie is bewonderenswaardig.
 
 De strijd was bloedig en de moedige weerstand van de Zwarte Duivels kon niet beletten dat er talrijke doden waren. De Karabiniers Wielrijders hebben meer dan zes uur stand gehouden, zij hebben de vijand opgehouden en acht charges van de ruiterij weerstaan. Het lukte het Belgisch leger, dat de Duitse aanvallers op het einde van de dag  verslagen moesten terugtrekken. In het totale verloop van de Eerste Wereldoorlog was het slechts een kleine veldslag met aan beide zijden enkele honderden doden, zeker in het licht gezien van de latere gevechten aan het Westelijk Front zoals rond Ieper, aan de Somme en Verdun waarbij miljoenen slachtoffers vielen. Toch heeft deze veldslag geschiedenis gemaakt omdat het duidelijk maakte dat charges door de cavalerie met de blanke sabel en de lans afgestopt kunnen worden wanneer de tegenstander met moderne vuurwapens een verdedigende stelling inneemt. De Duitse Uhlanen, het elitekorps van de Pruisen, met de doodskop Uhlanen op kop dat bestond voornamelijk  uit de Duitse adel, zullen nooit meer de uitstraling hebben van weleer.

 

     

Duitse Uhlanen verkennen de streek                Duitse officiers Uhlaan                       Uhlaan Tchapka's